Skip to content
Finanzbegriffe A–Z Sprachen Institutionen llms.txt 206,124 Begriffe

Finanzbegriff

Daghandel (ook in het Duits; meer zeldzaam ook daghandel en dagtransacties)

Vorm van effectenhandel waarbij posities binnen één handelsdag worden ingenomen en – gewoonlijk op dezelfde dag of – in maximaal vijf dagen – weer worden opgeheven (innergame swing procedure) (een beleggingspraktijk waarbij men een effect koopt of short verkoopt en vervolgens hetzelfde effect op dezelfde handelsdag verkoopt of koopt). Het doel van de daghandelaar is gebruik te maken van prijsveranderingen om winst te maken (de daghandelaar tracht winst te maken uit prijsveranderingen op korte termijn). – Aanbieders van daghandel, namelijk banken of zogeheten day trading centres, verschaffen de nodige technische handelsfaciliteiten, bv. handel in real-time of elektronische orderrouting. De corresponderende orders gaan dus zonder noemenswaardige vertraging naar de beurs. In Duitsland eist de toezichthoudende autoriteit dat de daghandelaar zijn klanten speciale informatie verstrekt. – Zie bid-ask spread, beurshandelaar, individueel, winnaars najagen, valutahandel, geautomatiseerd, vastrentende arbitrage, handelsportefeuille instelling, order, dag, pips. – Zie het jaarverslag 2001 van het Bundesaufsichtshof voor de effectenhandel, blz. 9 e.v.

Opgelet: De financiële encyclopedie is auteursrechtelijk beschermd en mag zonder uitdrukkelijke toestemming alleen voor privé-doeleinden worden gebruikt!
Universiteitsprofessor Dr. Gerhard Merk, Dipl.rer.pol., Dipl.rer.oec.
Professor Dr. Eckehard Krah, Dipl.rer.pol.
E-mailadres: info@jung-stilling-gesellschaft.de
https://de.wikipedia.org/wiki/Gerhard_Ernst_Merk
https://www.jung-stilling-gesellschaft.de/merk/
https://www.gerhardmerk.de/