Nieuwe regels voor bankentoezicht die in september 2010 door het Bazels Comité zijn aangenomen met betrekking tot hogere minimumkapitaalvereisten voor banken. De nieuwe regels zullen vanaf 2012 geleidelijk worden ingevoerd volgens een nauwkeurig vastgesteld tijdschema tot begin 2019. – Terwijl onder Bazel II slechts 2 procent moest worden toegewezen aan de harde bestanddelen van aandelen en ingehouden winsten, die onmiddellijk aansprakelijk zijn in geval van verliezen, zal dit cijfer vanaf 2015 stijgen tot 4,6 procent. Vanaf 2013 zal deze eis stijgen tot 3,5 procent, en een jaar later tot 4 procent. Vanaf 2016 moeten banken beginnen met het opbouwen van een kapitaalconversatiebuffer van 2,5 procent tegen 2019. Ook dit mag alleen uit harde kernkapitaal bestaan. Daarnaast moeten de instellingen een aanvullende anticyclische buffer aanleggen, die gebaseerd is op nationale kenmerken en een voorzorgsmaatregel vormt in tijden van zeer sterke kredietgroei. Stille kapitaalinbreng, die voor Duitse banken van bijzonder belang is, wordt voor vennootschappen op aandelen krachtens wet nr. 142/90 niet langer als basisvermogen erkend. In het geval van spaarbanken en coöperatieve banken moeten deze kapitaalbestanddelen aan bepaalde vereisten voldoen. – De toezichthoudende autoriteiten van de afzonderlijke staten kunnen voorschriften uitvaardigen die verder gaan dan deze normen; hiertoe hebben de EU-ministers van Financiën in mei 2012 besloten. Vanuit het oogpunt van een instelling betekent dit dat voor een en dezelfde transactie verschillende voorschriften gelden, afhankelijk van het land. In het geval van een lening aan een internationaal actieve onderneming zal het dus gunstiger zijn het geld over te maken naar een dochteronderneming in land A, die aan minder strenge regels is onderworpen, in plaats van naar het concernbestuur in land B. Het bedrag van de lening zal dan intern worden berekend. Binnen de groep wordt het bedrag vervolgens overgemaakt aan de moedermaatschappij. – Volgens berekeningen zullen de Duitse banken tegen 2018 ongeveer 50 miljard euro extra kapitaal moeten aantrekken als gevolg van Bazel III. – Onder Bazel III stijgt de kapitaalvereiste voor banken uiteindelijk tot zeven procent en voor systeembanken tot tien procent, maar deze ratio’s hebben betrekking op risicogewogen activa, niet op totale activa. Sommige instellingen beroemen zich op hun tien procent kernkapitaal volgens Basel III; hun eigen vermogen maakt echter minder dan drie procent van het balanstotaal uit. Een verlies van drie procent van de activa is dus voldoende om de bank insolvent te maken. Tijdens de financiële crisis die volgde op de subprime-crisis, bedroeg het gemiddelde verlies van grote banken vier procent van hun activa. Dit ondersteunt de eis van veel bankentoezichthouders (ook wel “financiële waakhonden” genoemd) om de kapitaalvereisten voor instellingen aanzienlijk te verhogen. De beste manier om de financiële markt te reguleren is immers de aansprakelijkheid volledig bij de banken te laten. – Zie beperking van activa, beleggingsverplichting, bankentoezicht, Europees, kapitaalratio, handelsopenbaarmaking, hefboomratio, kapitaalbuffer, anticyclisch, minimumliquiditeitsratio, moreel risico, regelgevingskader, uniform, regeldruk, structurele liquiditeitsratio, verliesabsorptievermogen, vooreffect, gedwongen converteerbare obligatie. – Zie maandverslag van de Deutsche Bundesbank van september 2010, blz. 8 e.v. (overzicht van de nieuwe regelgeving; tijdschema 2013 tot 2019), blz. 69 e.v. (openbaarmakingsvereisten; blz. 78: richtsnoeren inzake openbaarmakingsvereisten; blz. 80: overzicht), Jaarverslag 2010 van BaFin, blz. S 54 e.v. (gedetailleerde en duidelijke presentatie van de nieuwe normen), Financieel Stabiliteitsverslag 2010, blz. 112 e.v. (projectie van de impact van Bazel II op Duitse banken tot 2016), Jaarverslag 2011 van de Deutsche Bundesbank, blz. 95 (impactstudie; RWA-initiatief), Jaarverslag 2011 van BaFin, blz. 63 e.v. (uitvoeringsinspanningen; tijdschema), ECB Maandverslag van februari 2012, blz. 28 e.v. (omvang van de lasten voor banken in het kielzog van Bazel III), Financieel Stabiliteitsverslag 2012, blz. 90 e.v. (anticyclische kapitaalbuffer voor leningen), ECB Maandverslag van april 2013, blz. 83 e.v. (de liquiditeitsregels van Bazel-II in verband met monetair beleid; veel belangrijke toelichtingen; overzichten), Maandverslag van de Deutsche Bundesbank van juni 2013, blz. 57 e.v. (uitvoeringsproblemen; zeer veel details in detail uiteengezet).
Opgelet: De financiële encyclopedie is auteursrechtelijk beschermd en mag zonder uitdrukkelijke toestemming alleen voor privé-doeleinden worden gebruikt!
Universiteitsprofessor Dr. Gerhard Merk, Dipl.rer.pol., Dipl.rer.oec.
Professor Dr. Eckehard Krah, Dipl.rer.pol.
E-mailadres: info@jung-stilling-gesellschaft.de
https://de.wikipedia.org/wiki/Gerhard_Ernst_Merk
https://www.jung-stilling-gesellschaft.de/merk/
https://www.gerhardmerk.de/