Een term die in de loop van de subprime-crisis algemeen bekend is geworden voor een instelling die – een zekere omvang heeft, – verweven is met de financiële markten wereldwijd en – bijna niet te vervangen is. Als zo’n bank insolvent wordt, heeft dat verstrekkende gevolgen voor het mondiale financiële systeem als geheel. Dat bleek medio september 2008, toen de Noord-Amerikaanse bank Lehman Brothers instortte en de subprime-crisis uitgroeide tot een wereldwijde financiële crisis. – Tot dusver ontbreekt het nog steeds aan algemeen aanvaarde procedures over hoe het systeemrisico voor individuele instellingen precies kan worden gemeten. Het staat echter buiten kijf dat – wereldwijd vertakt – grote banken, althans in het verleden, meer blootstonden aan systeemrisico’s dan bijvoorbeeld spaarbanken met deposito’s of Volksbanken. De toezichthoudende autoriteiten eisen daarom dat deze instellingen ook meer eigen vermogen aanhouden of minder schulden mogen aangaan. – In principe moet worden vermeden dat instellingen bewust streven naar omvang en netwerkvorming, vervolgens grote risico’s nemen in het besef “too connected to fail” te zijn en bij een faillissement op de bail-out van de staat rekenen. Feit is echter dat de schuldeisers van een systeembank (Sifi) weten dat zij indirect door de staat worden gegarandeerd. Dit werkt als een subsidie, om het zo te zeggen. Het zet verkeerde prikkels aan en leidt tot sterke verstoringen in de financiële sector. – De systeembank van haar kant kan zich dankzij de onuitgesproken inherente staatsgarantie goedkoper herfinancieren op de kapitaalmarkt en heeft dus lagere rentekosten in vergelijking met concurrenten. Dit kan zich op zijn beurt vertalen in miljarden euro’s per jaar voor slechts één Sifi. – Zie afwikkelbaarheid, bail-out, bank, nationaal systeem, bedrijfsomvang bank, optimaal, bankentoezicht, europees, financiële instelling, mondiaal, financiële markt- Onderlinge afhankelijkheid, financiële stabiliteit, grote bank, omvang vertrouwen, G-Sifi, money-matters theorem, moreel risico, verplichte converteerbare obligatie, herstructureringsbeheer, risicoschild wet, rol mix, bankwezen, schuld bom, Sifi oligopolie, stabiliteitsfonds, Europese, systeemrelevantie, too big to fail principe, verzekeringsmaatschappij, systeemrelevante…. – Zie BaFin-jaarverslag 2011, blz. 50 e.v. (gedetailleerd verslag over de internationale inspanningen om Sifi’s te identificeren en te reguleren), Verslag over de financiële stabiliteit 2012, blz. 98 (voortdurende gevaren van de ineenstorting van wereldwijd onderling verbonden instellingen), Deutsche Bundesbank-jaarverslag 2012, blz. 95 e.v. (kader voor de aanpak van Sifi’s), ECB-jaarverslag 2012, blz. 133 (kader; identificatiekwesties; relevantieniveaus [buckets]), BaFin Jaarverslag 2012, blz. 9 e.v. (beginselen voor het omgaan met systeembanken), blz. 45 e.v. (duurzamer toezicht), BaFin Jaarverslag 2013, blz. 27 e.v. (definitiekwesties), blz. 75 e.v. (beginselen voor een effectief kader voor risicobereidheid moeten het nemen van buitensporige risico’s beperken).
Opgelet: De financiële encyclopedie is auteursrechtelijk beschermd en mag zonder uitdrukkelijke toestemming alleen voor privé-doeleinden worden gebruikt!
Universiteitsprofessor Dr. Gerhard Merk, Dipl.rer.pol., Dipl.rer.oec.
Professor Dr. Eckehard Krah, Dipl.rer.pol.
E-mailadres: info@jung-stilling-gesellschaft.de
https://de.wikipedia.org/wiki/Gerhard_Ernst_Merk
https://www.jung-stilling-gesellschaft.de/merk/
https://www.gerhardmerk.de/