In landen met een federale structuur nemen de uitgaven van de natiestaat in de loop van de tijd sneller toe dan de uitgaven van de samenstellende eenheden. – De reden hiervoor is dat de centrale overheid in de loop van de lopende wetgeving steeds meer zaken naar zich toetrekt; de inkomstenbronnen van de kleinere openbare lichamen (kleinere deelstaten: Länder, districten, gemeenten) zijn te zwak. Hoe groter echter het aandeel van de algemene overheidsbegroting, des te sterker is ook – de invloed van de overheid op het marktmechanisme en – de eventuele druk op de centrale bank. – Deze empirische wet (Empirem) is genoemd naar de Duitse financiële politicus Johannes Popitz (18841945). Het is echter al zeer vroeg in de economische geschiedenis aangetoond, bijvoorbeeld in Babylonië en het Romeinse Rijk. – Zie bail-out, tekortquote, begrotingsbeleid, begrotingsreferendum, begrotingstekort, dagopvang voor kinderen, megamania, duurzaamheid, octopus, Penrose-theorema, belastingconcurrentie, synergiepotentieel, schuldquote, overheid, staatsschuld, stabiliteits- en groeipact, subsidiariteitsbeginsel, Wagner’s Wet. – Voor een bevestiging van de wet, zie ook de bijlage “Eurogebied statistieken”, rubriek “Overheidsfinanciën”, subrubriek “Schuld” in het desbetreffende ECB Maandbericht.
Opgelet: De financiële encyclopedie is auteursrechtelijk beschermd en mag zonder uitdrukkelijke toestemming alleen voor privé-doeleinden worden gebruikt!
Universiteitsprofessor Dr. Gerhard Merk, Dipl.rer.pol., Dipl.rer.oec.
Professor Dr. Eckehard Krah, Dipl.rer.pol.
E-mailadres: info@jung-stilling-gesellschaft.de
https://de.wikipedia.org/wiki/Gerhard_Ernst_Merk
https://www.jung-stilling-gesellschaft.de/merk/
https://www.gerhardmerk.de/